Forestier en Grandonneur du Ventoux

We logeren bij Chantal in de gezellige chambre d’hôtes “Casa Clementine” te Villes sur Auzon, aan de voet van de Gorges de la Nesque (www.casaclementine.fr).

Het is al dagen bloedheet in de Provence. Vorige zaterdag, toen hij zijn Diable realiseerde, had Maarten, mijn oudste zoon, ’s nachts om 2u nog 22°C aan de top van de Ventoux. Wahnsin!

Dit is de laatste van de bestaande titels aan de Ventoux die ik nog mis, en ik besluit er nog een extra dimensie aan te geven door zonder enige vorm van begeleiding te rijden, wat uiteraard betekent dat ik telkens de laatste kilometers tot de top op de normale weg op de MTB moet afleggen. Een voldoende drankvoorraad is een extra aandachtspunt. Bovendien is het mijn bedoeling er een snelle rit van te maken. Normaal rijd ik dergelijke duurinspanningen aan een hartslag tussen 145 en 150 slagen per minuut. Ik weet dat ik op die manier een volle dag kan doorgaan. Aangezien ik vermoed minder dan 12u nodig te hebben, zal ik er niet om geven af en toe in het rood te gaan (mijn overslagpols: 158; mijn maximale pols: 182).

Mijn MTB is “Belgian Bike Power”: een Thompson Pulsar carbon frame, voorzien van een Magura MM100XC voorvork en een groep bestaande uit een mix van Shimano XT en XTR. De gasten van Thompson hebben hun werk uitstekend gedaan en er een pareltje van gemaakt. Heerlijk om daarmee op pad te gaan. 

Route Joseph Eymard
Hoewel dit de enige route is waarbij je nergens voet aan de grond moet zetten, vind ik deze de lastigste van de drie. De ondergrond bestaat uit grote vaste of losliggende stenen en het is er zeker niet vlak. Op vele plaatsen mag je blij zijn met een snelheid boven de 7 km/u. Tijdens mijn Forestier op zondag 11 juli (die als verkenning voor de Grandonneur diende) heb ik de route Joseph Eymard in de volle zon bij een temperatuur net beneden 40°C gereden. Van voorbij de camping tot de Plaine des Hermitants was er weinig of geen schaduw en dat was afzien. Logisch dus om met deze route te starten en de warmte van de dag te vermijden. 

Ik geef er vanaf het begin een lap op. Hartslag constant tussen 160 en 170 slagen per minuut; flink in het rood dus. Ik bereik zonder noemenswaardige problemen de eerste “top”, even voorbij Les Grands Pins. Vanaf daar is het bergaf tot de Plaine des Hermitants. De laatste zes kilometer op de D974 is het zalig rijden, zonder wind in een aangename temperatuur.

Foto in Bédoin om 4u41’ en enkele minuten daarna op pad. Het duurt iets langer dan verwacht vooraleer het klaar wordt, maar dat deert mij niet gezien mijn verlichting op het fietsstuur en de Petzl hoofdlamp. De ondergrond voelt even moeilijk aan als tijdens de Forestier, maar het is een stuk koeler en dat maakt de rit veel minder lastig.

Net vóór de top ontmoet ik de traditionele herder met zijn kudde. Zeker de moeite waard om te stoppen en een praatje te maken. Als ik hem vraag welk eten die schapen daar vinden, wijst hij met zijn stok allerlei “herbes” aan die tussen de stenen groeien. Hij heeft gelijk: als je goed kijkt is de kale berg helemaal zo kaal nog niet. Ik bereik de top na minder dan 2u50’ waar ik voor het eerst een andere wielertoerist ontmoet, een Fransman die uit Malaucène vertrokken is. Een kort gesprek en wederzijds een foto nemen.

Als ik het mij goed herinner, is dit mijn eerste afdaling van de Ventoux met een MTB; het bevalt mij enorm. Je zit zeer ontspannen op de fiets en gaat in feite niet veel trager dan met de racefiets (beneden na 27’).

Eten en drinken gekocht in de plaatselijke bakkerij op de hoek en een klein kwartiertje later kan de tweede klim beginnen.

Route Thérèse Roumanille

Ook deze route heb ik zondag verkend tijdens de Forestier. Na enkele kilometers moet je verschillende stukken te voet afleggen. Ik ben wel blij die zondag verkend te hebben.
Na deze stukken “te voet” is de weg zeer goed berijdbaar. De “Col du Comte” staat bij elk kruispunt mooi aangeduid, zodat er weinig aandacht nodig is om de juiste weg te blijven volgen. “Pas de soucis” zeggen de Fransen dan.
Enkele kilometers vóór Chalet Liotard kan ik het niet laten te stoppen om een foto te nemen die mijn 2 favoriete sporten (langlaufen en fietsen) verenigt. Even wegdromen van een langlaufvakantie in de Italiaanse Dolomieten (www.toblach.it).



Iets verder een sanitaire stop aan de Mont Serein en dan terug de fiets op voor de laatste zes kilometer langs de weg. Ik voel me nog super en zelfs met een bandenspanning van 2 bar ga ik nog heel wat wielertoeristen op de racefiets voorbij. Wat een drukte trouwens aan de top, iets na 11u.
Ook deze route leg ik af in iets minder dan 2u50’ en dat belooft voor de derde beklimming. Opnieuw dat zelfde rustige gevoel tijdens een nochtans snelle afdaling op de MTB (29’).

Route Jean des Baumes
Deze route is zowel de kortste als de minst lastige. Ik heb ze vorige zaterdag verkend, toen Maarten zijn Diable reed. Ook hier moet je enkele stukken te voet afleggen: een scherpe rechts-linkse bocht halfweg het eerste deel van de route, en een smal pad de laatste honderden meter vóór je op de D974 komt.

Ik heb nog steeds een goed gevoel en gezien mijn twee vorige tijden hoop ik in minder dan 2u30’ boven te zijn. Het is inmiddels bijzonder warm geworden.

Iets sneller dan verwacht bereik ik het smal pad. Nog even de tijd nemen voor een foto en enkele honderden meter verder te voet. Het is zweten geblazen, maar ik weet dat de D974 niet veraf meer is. Ik bereik een partij losliggende stenen die ik mij niet herinner van tijdens mijn verkenning. Even checken op mijn hartslagmeter: ik moest eigenlijk de weg al bereikt hebben. Terwijl ik zwaar zwetend verder klauter, begin ik langzaam maar zeker te beseffen dat ik een foute route heb gekozen. Bizar toch hoe lang het duurt voor je dit toegeeft en besluit terug te keren. Ook bergaf is dit stuk trouwens zo goed als onberijdbaar.

Uiteindelijk vind ik toch het smalle pad. Deze vergissing heeft mij ongeveer een half uur gekost. Op de Polar hoogtemeting kun je mooi deze nodeloze beklimming en afdaling zien, ongeveer 8u na de start. Dit is balen, maar het heeft geen zin hier lang bij stil te staan. Ik schud deze fout van mij af en rijd verder op de D974. Het half uurtje verloren tijd is niet direct een zorg. Mijn drankvoorraad is dat des te meer. Ik heb nog slechts een liter, en moet daar nog een beklimming van zo’n 18 kilometer mee verder. Dat ziet er bijzonder slecht uit. Al rijdend maak ik een planning qua vochtinname. Het alternatief om even terug te rijden naar het restaurant in Sainte-Colombe om daar mijn drankvoorraad aan te vullen, heb ik eerder al afgewezen. Ik ga er van uit dat het beter is voldoende te blijven drinken tot les Grands Pins. Het is dan nog een drietal kilometer tot de D974, waarvan slechts één kilometer klimmen. In de laatste vijf kilometer langs de weg hoop ik daarna wat drank van een andere wielertoerist te kunnen krijgen.

De Route des Cèdres, normaal een makkie in vergelijking met de twee andere routes, wordt langzaam maar zeker een probleem. De hitte en het tekort aan drank eisen hun tol. Ik besluit het wat kalmer aan te doen en de steilste stukken ga ik zelfs eventjes te voet. Ik bereik de “Tournant des Anglais” met een stemming in mineur. De enige wielertoeristen die ik in de verte zie naderen, moeten zelf afstappen op dit bijzonder steile stuk, volgens mij het lastigste deel van de Mont Ventoux. Ik besluit door te rijden. Een drietal kilometer voor de top word ik door een Fransman die duidelijk nog goeie benen heeft voorbijgereden. Hij beschikt nog over een grote drankvoorraad. Ik versnel en vraag hem of hij wat kan missen. Terwijl ik de volle bidon leegdrink die hij mij genereus afstaat, begint hij een verhaal over de vele wielertoeristen die dagelijks onvoorbereid, voorzien van te weinig voedsel of drank, zonder de geschikte kledij voor de afdaling de Ventoux proberen te beklimmen. Het is duidelijk dat hij mij onder deze groep catalogeert. Hoe moet ik hierop reageren? Moet ik het hebben over de Grandonneur en mijn routevergissing tijdens mijn derde beklimming, over de Cannibale of de Bicinglette, over het feit dat ik de Ventoux al meer dan 80 keer beklommen heb? Ik besluit deze terechtwijzing te incasseren. Al bij al heeft de man overschot van gelijk.

Ik vat nu weer moed, en plots lijkt alles opnieuw beter te gaan. Uiteindelijk bereik ik de top na 3u17’, slechts een 200-tal meter achter mijn weldoener met zijn super racefiets.

Hij glimlacht wanneer ik het winkeltje binnenga om mijn drankvoorraad aan te vullen, maar mijn stempelkaart heeft toch zijn aandacht getrokken. Hij vraagt wat meer uitleg en nu informeer ik hem over mijn historiek aan de Ventoux. Merkbaar blozend verontschuldigt hij zich omdat hij mij daarstraks de levieten las. We kunnen er samen hartelijk om lachen en na een vriendschappelijke omhelzing vervolgen we elk onze weg.

Ook nu weer datzelfde heerlijke gevoel tijdens deze MTB afdaling in 28’.

De titel van Grandonneur is binnen na een inspanning van 11u21’.

Hartslaggegevens

 Polar-grafiek Grandonneur van Marc Monballieu

 

Marc Monballieu

e-max.it: your social media marketing partner